Recensie Leids Cabaret Festival

Leids Cabaret Festival met de voorstelling Finale Leids Cabaret Festival 2020
Gezien op: 15-02-2020 Leidse Schouwburg te Leiden

Het koppelen van een thema aan een jaargang van een cabaretfestival heeft zijn consequenties. Enerzijds geeft het deelnemers extra houvast bij het ontwikkelen van hun voorstellingen, anderzijds vergroot het de kans op gelijkenissen in materiaal en belemmeringen bij makers. De 42e editie van het Leids Cabaret Festival (LCF) – thema: ‘navelstaren’ – laat zien dat deze consequenties tegelijkertijd van toepassing kunnen zijn: de finaleavond kende geen gebrek aan millennials die vertelden over hun worstelingen met het leven, terwijl de grote winnares van LCF 2020 – Lisa Ostermann – door de voorgeschreven thematiek een haast perfect gestructureerd programma wist af te leveren, het punt waarop de andere twee finalisten tekortschoten.

Ostermann won afgelopen zaterdag in de Leidse Schouwburg de jury-, publieks- én de studentenprijs van het befaamde concours en treedt daarmee in de voetsporen van onder andere Micha Wertheim, Tim Fransen en Sanne Wallis de Vries, een prestatie waar ze bescheiden onder bleef: “Dit is het eerste wat ik heb gemaakt dat gebaseerd is op wat ik zelf echt leuk vond om te maken en niet op wat anderen graag zouden willen horen. […] Ik wil mijn vriend en m’n vrienden heel erg bedanken voor het feit dat ze bleven geloven dat dit zou lukken, want ik had dat gevoel zelf bepaald niet de hele tijd.”

Sympathieke nestbevuiling

In haar voorstelling gaat Ostermann in op haar afkomst: ondanks dat ze aan een deftige school in Amsterdam Oud-Zuid een gymnasiumdiploma behaalde, was dat aanvankelijk geen logische noodzakelijkheid, vertelt Ostermann, wier wieg zogezegd in een ‘ander’ milieu stond: “Ik weet nog wel, in de eerste week, toen zei een klasgenoot tegen een andere klasgenoot, ‘oh my god, draagt jouw vader geen pak naar z’n werk?!’ […] Voor mij was dat in eerste instantie een geruststelling, mijn vader droeg ook een pak, maar toen bleek dat taxichauffeur niet telde.”

De hierboven beschreven grap toont een grote kwaliteit van Ostermann: ze beschikt over een bijzonder goed gevoel voor timing waarmee ze het publiek meermaals op het verkeerde been weet te zetten. En dat doet ze niet alleen op verhalende wijze maar ook met haar verschillende liedjes, die zowel geestig als ontroerend zijn, hetgeen de jury onderschrijft: “Lisa bespeelt haar publiek perfect en kwam zo moeiteloos weg met de schijnbaar bruuske overgangen tussen muziek en gesproken woord.”

Hoewel Ostermann, die eveneens de Toneelschool en het Conservatorium doorliep, in haar programma meerdere familieleden de les leest, is ze geen onsympathieke nestbevuiler, wat vooral naar voren komt in de slotscène van haar show, waarin ze spreekt over een ongemakkelijk kerstdiner bij haar vader: daar wisselt ze uiteindelijk haar kritische noten uit liefde in voor gezapigere woorden. Niet voor niets luistert haar programma dan ook naar de naam ‘Wat de ander wil horen’.

Een ode aan de luisteraar

De tweede finalist, Thjum Arts, begon een aantal jaar geleden aan een academische studie Politicologie, maar rondde deze niet af. Reden: tijdens het maken van een tentamen besefte hij dat de antwoorden op de vragen hem volledig koud lieten. Hij gooide het roer om en koos voor de hogeschool om daar Sociaal Werk te gaan studeren. Over die overstap kreeg hij vervolgens vele vragen vanuit zijn omgeving: “Ik vertelde dan altijd dat ik bij deze studie met mensen leer praten en leer naar ze te luisteren. ‘Dat kan toch iedereen’, zeiden ze dan, waarop ik steevast antwoordde: ‘Dat klopt wel, maar wie doet het nog?’.”

Met de voorgaande woorden vat Arts in essentie de rest van zijn voorstelling ‘Stilte zoekt luisteraar’ samen: “Het was vanaf zijn opkomst duidelijk dat al zijn grappen en beschouwingen hier in het teken van stonden. Ze dwongen ons om even stil te staan bij de ongemakkelijke realiteit van contactarmoede en gebrek aan sociale vaardigheden”, aldus de jury, die Arts eveneens prijst om zijn oneliners: “Die waren niet alleen ontzettend grappig maar ook onomstotelijk waar.”

Ondanks dat Arts terecht wordt geprezen voor zijn optreden, ontging de jury ook het een en ander. Zo ogen sommige scènes uit zijn programma wat losstaand, terwijl hij daarnaast op een cruciaal moment zijn eigen devies tegenspreekt: “Er is op dit moment een tekort aan aandacht en een overschot aan advies. Dus als iedereen die eigenlijk advies wil geven voortaan aandacht geeft, dan kunnen we de balans herstellen”, zegt Arts, die hiermee feitelijk een advies uitbrengt en daarmee – ironisch genoeg – in conflict staat met z’n eigen tip. Al met al lijkt het hier wel te gaan om vermijdelijke oneffenheden, temeer omdat zijn programma als geheel aardig wat potentie uitademt.

Een goed begin is het halve werk

De derde finalist, ‘De vriendendienst’, een duo dat bestaat uit voordrager Yuri Disseldorp en begeleider (gitaar) Peer Thielen, presenteerde het publiek de voorstelling ‘Als het confetti regent’. De show begint met een lied, dat zowel tekstueel als instrumentaal zeer goed in elkaar zit en gaat over het levensverhaal van de energieke twintiger Disseldorp, die als kind werd voorzien van vele ‘rugzakjes’ en dat ervoer als een blok aan zijn been: “Ze hebben me helemaal volgeplakt met labels, ‘tantoe’ veel zoals dat heet: ADHD, ADD, ODD, NLD, dyslexie, dyscalculie, Asperger en PDD-NOS.”

Na het zien van de voorstelling is het overduidelijk dat Disseldorp – die na een hbo-opleiding Toerisme de Kleinkunstacademie afrondde – en Thielen – afgestudeerd aan het Conservatorium – technisch zeer begaafd zijn. Toch slaagt het tweetal er niet in het hoge niveau van de eerste tien minuten van de show vast te houden. Dat komt onder meer door de structuur van het programma: die oogt op een aantal plekken wat onsamenhangend en zou – ondanks het bewust chaotische karakter van ervan – scherper kunnen.

Niettemin is de algemene conclusie over het duo hoopvol: meerdere scènes bewijzen dat ‘De vriendendienst’ het LCF verrijkt. “Yuri’s humor is soms absurd en dan weer diepzinnig. De krankzinnige medley van liedjes en imitaties deed het oudste jurylid denken aan het debuut van André van Duijn, meer dan een halve eeuw geleden. De andere juryleden overtuigden hem ervan dat dat zeker geen slechte referentie is. […] Maar hij staat niet alleen op het podium: zijn gedachten resoneren in het gitaarspel van Peer. Hij creëert een soundtrack bij het verhaal van Yuri”, besluit juryvoorzitter Marloes Hakvoort.

Mark Coelen



Deze pagina is onderdeel van de website www.cabaret.nl.
De cabaret-database van Nederland.
Een actueel overzicht van cabaret, kleinkunst en stand-up comedy.
 
Kijk op cabaretmatch.nl voor meer informatie over theater op maat, cabaret op maat of een muziekoptreden voor een congres, symposium of feest op maat.